2019-06-02 Weekje vrij

Vlinders Eemland

Weekje vrij

2 juni 2019, door Violet Middelman

 

Een lang weekeind naar Egmond aan Zee en de rest van de week lekker op pad in Soest en Baarn.

Prima weertje over het algemeen, dus heerlijk op ‘vlinderjacht’ geweest. Het is altijd afwachten wat je aan vlinders en andere insecten zal gaan zien, maar na het extreem warme en droge jaar 2018 is de algemene verwachting dat bepaalde soorten hier van hebben geprofiteerd, maar ook dat er soorten zijn die er van te lijden hebben gehad. De tijd zal het leren.

Hoe dan ook, we hebben veel leuks gezien!

 

Op vrijdagavond 24 mei gingen we met John van Roosmalen nachtvlinders lokken in de duinen bij Bakkum. Het was niet heel druk met nachtvlinders, maar er zaten toch leuke soorten bij. En het was gewoon heel gezellig! Een soort die in de contreien van Egmond best wel algemeen is, en in Eemland gewoon niet voorkomt, is de Roodbandbeer. Een prachtige nachtvlinder om te zien!

Roodbandbeer – Diacrisia sannio (foto Remco Vos)

 

Een andere leuke soort die op het licht af kwam was de Eikenoogspanner. Niet bepaald een heel algemene soort. Het eerste exemplaar zag er een beetje treurig uit, zo afgevlogen als maar kon, maar het tweede exemplaar zag er een stuk appetijtelijker uit.

Eikenoogspanner - Cyclophora porata (foto Remco Vos)

   

Rond 1:30 uur pakten we de boel weer in en vertrokken naar ‘huis’. Op het balkon van ons appartement 3 hoog aan de Kennedyboulevard te Egmond aan Zee hadden we de lichtval aangezet. Eens kijken wat daar aan nachtvlinders op af was gekomen. We hadden geen verwachtingen, maar er bleek wel iets te vliegen. We installeerden ons dus maar op het balkon om te kijken wat er rond vloog. Dat viel niet tegen! 26 soorten, waaronder de Witvlek silene-uil, een soort die alleen maar lijkt voor te komen bij Egmond aan Zee en IJmuiden.

Witvleksilene-uil - Hadena albimacula (foto Remco Vos)

 

Op zaterdag 25 mei bezochten we hetzelfde duingebied bij Bakkum overdag. Heerlijk speuren naar beestjes, en met een laag tempo een paar kilometers lopen. Er vlogen Roodbandberen, Icarusblauwtjes en meer, gewoon leuk.

Maar we zagen ook kleiner spul, zoals de piepkleine Vroege oermot. Met een spanwijdte van 8 tot 12 mm (!) vallen ze niet echt op. Als het licht goed valt dan schitteren ze je echter tegemoet.

Vroege oermot – Micropterix aruncella (foto Violet Middelman)

 

Onze aandacht werd getrokken door een razendsnel rondvliegend insect. Eerst dachten we aan een Kolibrievlinder, maar het bleek een Glasvleugelpijlstaart te zijn. Prachtige beesten, maar zie die maar eens (goed) op de foto te krijgen.

Glasvleugelpijlstaart - Hemaris fuciformis (foto Violet Middelman)

 

Terug in Soest zagen we ook weer veel mooie en leuke soorten. Aan de rand van Soest, in de buurt van de Wieksloterweg, zagen we de Gestreepte tandvlinder, een typische soort van de zandgronden. Het is geen zeldzame soort, maar staat wel als ‘bedreigd’ op de (onofficiële) rode lijst voor nachtvlinders. De Witte schaduwspanner is wat algemener, maar ook mooi.

Gestreepte tandvlinder – Drymonia dodonaea & Witte schaduwspanner – Lomographa temerata

 

Een soort die altijd opvalt, in positieve zin, is de Pauwoogpijlstaart als hij z’n achtervleugels laat zien. Ze tonen hun achtervleugels met de oogvlekken om o.a. vogels af te schrikken als ze een lekker hapje denken te zien.

Pauwoogpijlstaart – Smerinthus ocellatus (foto Violet Middelman)

 

En dan hadden we misschien ook de Purpertandboegsprietmot op onze lichtopstelling. Zeldzaam beestje, zou leuk zijn als de determinatie klopt!

Purpertandboegsprietmot - Eulamprotes unicolorella (foto Remco Vos)

 

Op donderdag gingen we met plaatsgenoot Pascal Losekoot op pad in de bossen van Soest, op zoek naar beestjes, waaronder de Tweepuntige lijnbladroller. Best een zeldzaam beestje die Pascal laatst had ontdekt in Soest. Hadden wij nog nooit gezien, dus een mooie aanvulling op de lange lijst van nachtvlinders die Soest al rijk was.

Tweepuntige lijnbladroller - Phiaris bipunctana (Foto Remco Vos)

 

Ook in eigen tuin (Overhees) hadden we een leuke soort, de Kraagvleugelmot. Deze soort ‘mineert’ als rups in de vruchten/zaaddozen van de Kardinaalsmuts.

Kraagvleugelmot - Nephopterix angustella (foto Remco Vos)

 

In de buurt van Soesterberg vingen we op vrijdag een Dwerglepelmot, een kleine micro-nachtvlinder met in deze omgeving een bijzondere populatie. De soort komt eigenlijk alleen aan de kust en in Limburg voor, dus heel bijzonder dat we ze in Eemland ook treffen. De soort heeft Slangenkruid als waardplant, welke op zich op vele locaties in Nederland te vinden is, dus waarom de soort zo weinig verspreidt over het land voorkomt? Misschien omdat ze makkelijk over het hoofd worden gezien met hun bescheiden formaat van zo’n 5 mm en weinig opvallende kleur en tekening?

Dwerglepelmot – Tinagma ocnerostomella (foto Remco Vos)

 

Op zaterdag maakten we een uitstapje naar Baarn/Lage Vuursche om overdag wat rond te struinen.

We zagen een paar mooie Heideringelrupsen, een zeldzame soort van de heide die het op die locatie best goed doet. Moeder Heideringelrups legt vele eitjes bij elkaar, en als de rupsjes uit zijn gekomen dan leven ze eerst gezellig in een ‘nest’ bij elkaar. Als ze wat groter en ouder worden trekken ze in hun eentje de wijde wereld in.

Heideringelrups - Malacosoma castrensis (foto Violet Middelman)

 

Er vlogen niet veel macro-nachtvlinders rond, maar eentje was duidelijk aanwezig: de Gestreepte bremspanner. Met een beetje veldervaring pik je ze er rond deze tijd van het jaar redelijk makkelijk uit.

Gestreepte bremspanner – Perconia strigillaria (foto Remco Vos)

 

Op de kleine, gele bloemetjes van Tormentil zagen we tientallen micro-nachtvlinders zitten.

We weten het nog niet zeker, maar denken dat het de vlindertjes van de Heidedikkopmot zijn.

 

Heidedikkopmot – Scythris ericivorella (foto Remco Vos)

 

Ook op zaterdagavond bevonden we ons op de rand van Soest en Soesterberg. Het was een mooie, zomerse dag geweest, en de temperatuur zou die avond en nacht niet onder de 17 graden moeten zakken. Een ‘zwoele’ avond dus, waarin we tot laat in de nacht nachtvlinders zouden kunnen lokken.

En dat deden we dan ook, pas om 5:15 uur zondagochtend rolden we ons bedje in!

Maar met zo’n 115 soorten op de teller voor die avond en een paar mooie soorten hoor je ons niet klagen.

Smaragdgroene zomervlinder –  Chlorissa viridata  (onzeker) (foto Remco Vos)

 

De Heidelichtmot is niet echt zeldzaam of zo, maar altijd wel een fijn beestje om op je laken tegen te komen. Mooie tekening.

Heidelichtmot – Pempelia palumbella (foto Remco Vos)

 

Wow, een weekje vakantie in eigen land levert al met al heel veel leuke soorten nachtvlinders op (en een jetlag). In totaal hebben we zo’n 240 soorten gezien in een ruime week waarin we niet alle avonden hebben kunnen benutten.

Niet slecht! En ook de niet zeldzame soorten zijn leuk, zoals die vele dames Veelvraat die hun eitjes kwijt moeten, maakt niet uit waar. We hebben genoten, nu weer gewoon aan het werk.

Veelvraat – Macrothylacia rubi (foto Violet Middelman)