2017-10-21 Bladmineerdersexcursie bij Het Engelse Werk te Zwolle

Vlinders Eemland

Bladmineerdersexcursie bij Het Engelse Werk te Zwolle

21 oktober 2017, door Violet Middelman

 

Vandaag togen we naar Zwolle, het Engelse Werk aan de IJssel om een excursie naar bladmineerders te begeleiden. Vanuit NEV Sectie Snellen en onder leiding van de bevlogen bladmineerderskenner Ben van As zouden we gaan speuren naar de sporen en rupsjes van bladminerende micronachtvlinders. Tussendoor zouden er ook radio-opnames worden gemaakt door Vara’s Vroege Vogels. Wat zouden we gaan tegenkomen? En zouden we de deelnemers enthousiast kunnen krijgen om zelf ook naar bladmineerders te gaan speuren?

 

Zelfs naast het spoor kun je zoeken naar bladmijnen (foto Violet Middelman)

 

Met 16 deelnemers begonnen we aan de excursie, een mooi aantal! Nadat iedereen info-materiaal had ontvangen vertelde Ben ‘in een notendop’ e.e.a. over bladmineerders. Over hoe belangrijk de basiskennis van planten is. Over de leefwijze van de verschillende soorten bladmineerders. Over de verschillende soorten mijnen. Na deze introductie konden we van start gaan.

 

Ben van As geeft uileg over de diverse soorten vlinders die mineren (Foto Remco Vos)

 

De eerste doelsoort was de Populierenbladsteelmineermot - Ectoedemia hannoverella. Dit is een algemene soort en de mijnen vallen duidelijk op als ‘groene vlaggen’ in de afgevallen, gele bladeren van de populieren. Tot voorkort werd aangenomen dat de ‘groene vlag’ werd veroorzaakt omdat de minerende rupsjes de saptoevoer van de bladeren afsloten. Uit recent onderzoek is echter gebleken dat het door bacteriën komt die in symbiose leven met de rupsjes. De bacteriën produceren bepaalde plantenhormonen waardoor het plantenweefsel rondom de rupsjes groen blijft.

 

Populierenbladsteelmineermot - Ectoedemia hannoverella (Foto Remco Vos)

 

Het voordeel van het zoeken naar bladmineerders is dat het wandeltempo zo laag ligt dat laatkomende deelnemers zonder zoeken direct kunnen aansluiten bij de excursie. Op vrijwel elke struik en boom zijn wel mineerders te vinden, vaak meerdere soorten per plant. Ben van As weet precies welke soorten hij op welke planten kan aantreffen, en naar welke soort mijnen er dus gezocht moet worden.

 

Op Beuk komen bijvoorbeeld maar 4 soorten voor, een makkie!

 

De Zigzagbeukenmineermot – Stigmella tityrella is een duidelijk herkenbare gangmijn: hij zigzagt tussen 2 nerven, beginnend bij de hoofdnerf, vretend richting de bladrand. De Zilverbandbeukenmineermot - Stigmella hemargyrella vreet, in tegenstelling tot de Zigzagbeukenmineermot, zich juist een weg richting de hoofdnerf.

 

Zigzagbeukenmineermot – Stigmella tityrella en Zilverbandbeukenmineermot - Stigmella hemargyrella (Foto Remco Vos) (klik op de foto voor een vergroting)

 

De Beukenvouwmot - Phyllonorycter maestingella maakt een onderzijdige vouwmijn. De Beukenzebramot - Parornix fagivora maakt verschillende soorten mijnen, afhankelijk van het stadium waar het rupsje zich in bevindt. De rups begint met een klein vouwmijnachtig vlekje op de onderzijde van het blad, om zich daarna te bekeren tot omklapmijnen. Deze laatste soort zagen we vandaag helaas niet, maar laten we hieronder wel even zien ter info.

 

Beukenvouwmot - Phyllonorycter maestingella en Beukenzebramot - Parornix fagivora (Foto Remco Vos) (klik op de foto voor een vergroting)

 

Zoals tijdens de excursie werd benoemd is het makkelijker om bepaalde soorten minerende micronachtvlinders op naam te brengen middels de mijnen dan aan de hand van de imago’s. Als men al imago’s (de vlinders) ziet, dan zijn ze zo klein en moeilijk goed op de foto te krijgen dat de zeer subtiele details van de verschillende soorten al snel niet goed genoeg te zien zijn. Daarnaast heb je ook nog soorten die echt op genitaal onderzocht moeten worden om duidelijkheid te krijgen over de juiste soort. De Akenmineermot - Stigmella aceris is bv echt een soort die je beter als mijn kan zoeken.

 

Akenmineermot - Stigmella aceris (Foto Remco Vos)

 

Hieronder een aantal soorten waar we ooit ook het imago van op de foto hebben weten te zetten, zodat jullie kunnen zien welk vlindertje er nu eigenlijk bij het mijntje hoort.

 

We beginnen met de Gewone eikenvlekmot - Tischeria ekebladella. Deze soort maakt een bovenzijdige vlekmijn die er uiteindelijk uitziet als een grote, melkwitte blaasmijn. De imago’s (vlinders) zijn op uiterlijk amper te onderscheiden van de Bruine eikenvlekmot - Tischeria dodonaea en de Hoefijzervlekmot - Tischeria decidua. De mijnen zijn echter wel goed op naam te brengen, al is enige oefening noodzakelijk.

 

Gewone eikenvlekmot - Tischeria ekebladella (Foto Remco Vos) (klik op de foto voor een vergroting)

 

De rupsen van de Eikenooglapmot - Bucculatrix ulmella veroorzaken een kort, hakig gangmijntje met relatief veel frass. Als de rupsen iets groter worden verlaten ze de mijn en veroorzaken venstervraat aan de onderzijde van het blad.

 

Eikenooglapmot - Bucculatrix ulmella (Foto Remco Vos) (klik op de foto voor een vergroting)

 

De Paardenkastanjemineermot - Cameraria ohridella is niet te missen als je naar de mijnen kijkt. Sinds een kleine 20 jaar is deze plaagsoort vanuit de Balkan hier belandt en heeft zo goed als elke Paardenkastanje in het land aangetast.

 

Paardenkastanjemineermot - Cameraria ohridella (Foto Remco Vos) (klik op de foto voor een vergroting)

 

Ondanks dat de Vuurmot - Carcina quercana een prachtig vlindertje is om te zien, is er eigenlijk vrij weinig te vinden over de levenswijze van dit beestje als rups. Wel dat de larve in een gesponnen zijden spinsel langs de (hoofd)nerf aan de onderzijde van een blad leeft van diverse soorten loofbomen. Het blad wordt daarbij geskeletteerd of geperforeerd. Het rupsje lijkt deze voor overwintering te verlaten om in het voorjaar weer eenzelfde gedrag te vertonen waarna deze verpopt.

 

Vuurmot - Carcina quercana (Foto Remco Vos) (klik op de foto voor een vergroting)

 

Ook over de Loofboombladroller - Gypsonoma dealbana is helaas maar weinig info te vinden. Maar het is en blijft een mooie soort. Wat we wel hebben kunnen vinden is dat de jonge larve (september/oktober) leeft in een buisje aan de onderzijde van een blad en doet dan aan venstervraat. Na de overwintering in een buisje op een takje gaan de rupsjes van knoppen en bladeren eten (mei/juni). Waarna de verpopping vaak in een bladrol plaatsvindt.

 

Loofboombladroller - Gypsonoma dealbana (Foto Remco Vos) (klik op de foto voor een vergroting)

 

Op Hazelaar komen verschillende soorten mineerders voor, maar de Maagdelijke mineermot - Stigmella microtheriella heeft toch wel de mooiste naam en bijbehorende verklaring.

Waarom de Maagdelijke mineermot? Eigenlijk heel simpel, de vrouwtjes kunnen zichzelf bevruchten en maken voortplanten zonder tussenkomst van het mannelijke geslacht dus mogelijk.

 

Maagdelijke mineermot - Stigmella microtheriella (Foto Remco Vos)

 

Het was een mooie dag: het was droog, we hadden veel enthousiaste deelnemers, de bladmineerders waren goed vertegenwoordigd, Ben heeft enorm veel verteld en we gingen allen als een volgezogen spons weer naar huis!

 

Ben geeft uitleg over de Paardenkastanjemineermot - Cameraria ohridella (Foto Violet Middelman)

 

Ter info: In Nederland heb je de NEV Sectie Snellen, een vereniging die zich specifiek bezig houdt met micronachtvlinders. De leden hebben verschillende niveaus van kennis, van beginnelingen tot experts. Eén van de experts is Ben van As; ga je met Ben op zoek naar bladmineerders, dan ga je ze vinden ook, en leer je in korte tijd enorm veel over deze bijzondere beestjes en de sporen die ze nalaten.

Met z'n allen werden de struiken en bomen goed afgespeurd op bladmijnen (Foto Violet Middelman)

 

Samen met Tymo Muus vormen Remco Vos en ik (Violet Middelman) het bestuur van de Sectie Snellen, en samen met Ben wilden we dit najaar de bladmineerders bij een groot publiek onder de aandacht brengen. Het lijkt te zijn gelukt! We hopen in de toekomst nog meer van deze dagen te organiseren. Denk dan bv ook aan determinatiedagen en leren prepareren. Heb je interesse en/of een leuk idee, laat het dan weten! Aanmelden als lid van de sectie Snellen kan via deze link.

Voor maar € 9,- ben je een jaar lid, dat is toch het proberen waard!

 

Slanke wilgenkokermot - Coleophora lusciniaepennella (Foto Remco Vos)

 

Overzicht van de waargenomen soorten